Twitter Updates Volg mij op Twitter
Videoverslag De 4 Eetgetijden, thema 'Harders Vissen'




IJSEENDENOCHT VERSLAG 23 JANUARI 2010

Het is vandaag een sombere dag. Een laag hangende bewolking. Een snijdende oostenwind maakt het verblijf aan dek een koude ervaring. Je ogen tranen en je handen worden zo koud dat het hanteren van de verrekijker een probleem is. We vluchten dan ook regelmatig de brug in om een beetje door te warmen. Bart is een echte doorzetter hij blijft vrijwel de hele reis buiten op het dek.

Het uitvaren uit de haven van Den Oever is altijd een feest. We zien dodaars, futen. middelste zaagbekken, wilde eenden, krakeenden, smienten. We varen de sluiskom in waar een groep kapmeeuwen vis in het water, dat door de sluis vanuit het IJsselmeer de Waddenzee instroomt. Er zwemt zelfs een zeehond. Vlak naast de sluis tegen de Afsluitdijk aan foerageren zes grote zaagbekken. De mannen met donkere koppen en een witte rug, de buik is roomboterkleurig. Ze worden soms boterbuiken genoemd. Het water is te ondiep. We kunnen niet dichtbij komen. Jan Rotgans, onze schipper die voor geen kleintje vervaart is en de Waddenzee als zijn spreekwoordelijke broekzak kent, zet de WR 130, ons vaartuig voor vandaag, aan de grond. Niet dat het een probleem is, een ogenblik later heeft hij achteruit geslagen en is het schip weer vlot en vervolgen we onze reis langs de dijk richting de Javaruggen.

De eerste grote groepen duikeenden vertonen zich. Het IJsselmeer is dicht gevroren, de eenden worden gedwongen hun heil op de Waddenzee te zoeken. Groepen kuif- en tafeleenden proberen zwemmend of vliegend uit onze buurt te komen. In het IJsselmeer en de Waddenzee kunnen in de winter wel 100.000 toppereenden rond zwemmen. Zoals al opgemerkt; het IJsselmeer is dicht gevroren. Alle toppereenden hebben hun heil in de Waddenzee moeten zoeken, het is een spektakel om zulke grote groepen duikeenden te zien.

We zijn intussen in de buurt van de plek waar we het doel van de reis de ijseenden verwachten te zien. Maar eerst krijgen wij soep en brood. Inma de kok, die regelmatig de bezoekers aan boord van hun natje en droogje voorziet, weet wat een mens nodig heeft en wij laten het ons goed smaken. Verwarmd en gelaafd gaan wij naar dek en zoeken de omgeving af naar ijseenden. Het is altijd een spannend moment zijn ze er of zijn er niet. We doen nu voor het derde jaar deze tochten. We hebben ook iedere keer ijseenden gezien soms maar een paar soms tientallen. Jan Rotgans zegt wel eens "je hebt ze niet aan een touwtje". Plotseling komen er drie voorbij vliegen. We leggen de boot stil en spieden de omgeving af. Eentje komt nog langs op grote afstand. We kijken naar alle kanten maar helaas.

We draaien het Scheurrak–Ommedraai, een vaarwater, in. Duizenden eidereenden zwemmen hier rond. De mannen in prachtkleed en dat is echt prachtig. Zwarte en wit met een soort zeegroen op de wangen. De vrouwen zijn chocolade-bruin. Jonge dieren zijn grauwer van kleur, de jonge mannen krijgen hier en daar witte vlekken. Wij vinden geen ijseenden meer. Wij scharrelen terug richting de Afsluitdijk.
In de luwte van de dijk zwemmen veel vogels futen, middelste zaagbekken, brilduikers, een verdwaalde grauwe kiekendief trekt langs. Wij zoeken een plekje in de buurt van Den Oever om het middagmaal te nuttigen, Inma heeft chili con carne gemaakt. U begrijpt het al, dat is smullen. Wij wachten op het water dat zakt want dan zien wij misschien nog een paar zeehonden en steltlopers, die op de zandplaten hun eten bijeen zoeken.

Het begint intussen te sneeuwen het wordt een klein wereldje. We proberen door de ramen van de brug een aantal soorten te herkennen. Wij zien veel scholeksters, een enkele wulp een paar meeuwensoorten. Er vaart een steenloper mee op de reling van het schip. Er heeft zich ijs in de mond van de haven verzameld. Wij fantaseren dat het Spitsbergen lijkt en maken grappen over het opwarmen van de aarde.

Om vijf uur meren wij af in Den Oever en kijken terug op prachtige dag op een winterse waddenzee.

Dodaars
Fuut
Aalscholver
Blauwe reiger
Rotgans
Grauwe gans
Eidereend
Wilde eend
Krakeend
Kuifeend
Toppereend 
Krakeend
Smient
Brilduiker
IJseend
Zwarte zee-eend
Grote Zaagbek
Middelste zaagbek
Meerkoet 
Grauwe Kiekendief
Scholekster

Wulp 
Steenloper 
Tureluur
Kokmeeuw 
Stormmeeuw
Zilvermeeuw
Grote Mantel
Kauw
Zwarte kraai

Zeezoogdieren
Gewone zeehond

enkele
honderden
tientallen
enkele
enkele
enkele
duizenden
tientallen
tientallen
duizenden
duizenden
tientallen
honderden
tientallen
enkele
een
6
tientallen 
enkele
één
honderden

enkele
enkele
enkele
honderden
enkele
honderden
enkele
4
2


enkele


Den Helder 25 januari 2010
Ben Schrieken


Dit wordt het eerste stukje van het Scheepsjournaal; ik probeer jullie hiermee op de hoogte te houden van de ontwikkelingen op het wad. Dat kan te maken hebben met zee, vis, natuur, maar ook met regelgeving en belevenissen met mijn gasten.

We hebben een bijzonder mooie april maand gehad met heel veel mooi weer. Mooi weer betekent ook kans op kwallen. Er is nu een nieuwe variant kwal ontdekt op het wad, waar de exacte naam nog niet van bekend is. Kwallen betekenen voor ons heel veel overlast als we met het sleepnet vissen. Een sleepnet is eigenlijk een zeef. De kwallen verstoppen de mazen van het net, waardoor het water niet meer weg kan. Het net wordt dan één grote water-ballon die ook niks meer vangt want: "vol is vol".

Drie of vier keer slepen om een pannetje garnalen en krabben bij elkaar te krijgen voor een mooie bisque is geen uitzondering met die kwallen. Nu het weer wat omgeslagen is naar stevige westenwind zal het volgens mij wel veranderen. Minder mooi weer is in ieder geval toch nog ergens goed voor...